NL/Prabhupada 0481 - Krishna is al-aantrekkelijk, Krishna is prachtig



Lecture -- Seattle, October 18, 1968

Dus dit argument, dat de rode bloedlichaampjes gestopt zijn, daarom is het leven gestopt - nee. Er zijn zo veel argumenten en tegenargumenten. Dit is een werkelijk feit omdat we spreken basis van de geschriften, heilige personen en spiritueel leraar. Dat is de manier om te begrijpen. Je kan niets maken met je kleine hersenen en onvolmaakte zintuigen. Menselijke wezens zijn altijd onvolmaakt. Bijvoorbeeld zoals een kind de zon ziet, en zoals een wetenschapper de zon ziet. Van nature is de kennis van het kind over de zon onvolmaakt. Hetzelfde kind, als hij lessen van een wetenschapper neemt dan kan hij begrijpen hoe groot de zon is. Daarom is directe waarneming van kennis door onze zintuigen altijd imperfect. Je moet, op elk gebied van het leven, een deskundige benaderen. Evenzo, als je wil begrijpen wat God is dan moet je beschutting van deze Bhagavad-gītā nemen. Er is geen alternatief. Je kan niet speculeren dat: "God kan zus zijn, God kan zo zijn," "Er is geen God", "God is dood", "God is niet dood." Dit is gewoon speculatie. Hier zegt Kṛṣṇa:

mayy āsakta-manāḥ pārtha
yogaṁ yuñjan mad-āśrayaḥ
asaṁśayaṁ samagraṁ māṁ
yathā jñāsyasi tac chṛṇu
(BG 7.1)

Als je gelooft dat Kṛṣṇa, de Allerhoogste Persoonlijkheid Gods, persoonlijk spreekt, zoals Arjuna geloofde, dan kan je begrijpen wat God is. Anders is het niet mogelijk. Asaṁśayam.

Dus het proces is als eerste: mayy āsakta-manāḥ. Je moet in je geest constant met Kṛṣṇa bezig zijn. Dat is het yoga-proces dat we presenteren als Kṛṣṇa-bewustzijn. Kṛṣṇa-bewustzijn ... Net als wanneer je jezelf constant verbindt met de elektriciteitscentrale dan is er een onophoudelijke aanvoer van elektrische energie. Op dezelfde manier, als je in je geest constant bezig bent met Kṛṣṇa, dat is ook niet zo moeilijk. Kṛṣṇa is al-aantrekkelijk, Kṛṣṇa is prachtig. Kṛṣṇa heeft zoveel activiteiten. De hele Vedische literatuur is vol met activiteiten van Kṛṣṇa. Deze Bhagavad-gītā is vol met activiteiten van Kṛṣṇa. Door gewoon te begrijpen dat God groot is, dat is een neutraal stadium van begrip. Maar je moet meer en meer verhogen hoe groot Hij is. Het is niet te begrijpen hoe groot Hij is, want onze zintuigen zijn altijd onvolmaakt. Maar je kan voor zover mogelijk over de activiteiten van God horen, over de positie van God, en je kan erover nadenken, en je kan je oordeel maken, je kan je argumenten geven. Dan zal je zonder enige twijfel begrijpen wat God is.

Het eerste begin is: mayy āsakta-manāḥ. In het laatste hoofdstuk heeft Kṛṣṇa uitgelegd dat iemand die constant geabsorbeerd is met denken aan Kṛṣṇa, die is een eersteklas yogi. In jullie land is het yoga-systeem erg populair, maar je weet niet wie een eersteklas yogi is. De eerste klas yogi is uitgelegd in de Bhagavad-gītā: yoginām api sarveṣāṁ mad-gatenāntarātmanā (BG 6.47), dat uit vele duizenden yogi's de yogi of bhakta-yogi die altijd in zichzelf, in zijn hart, de vorm van Kṛṣṇa ziet, die is een eersteklas yogi, hij is eersteklas. Dus je moet dat eersteklas yoga-systeem voortzetten, en dat wordt hier uitgelegd, mayy āsakta-manāḥ: gehecht zijn.